Wijziging regeling bodemkwaliteit

Op 28 november 2018 heeft er een wijziging in de Regeling Bodemkwaliteit plaatsgevonden die per direct gevolgen heeft voor de toegestane eisen met betrekking tot bodemvreemd materiaal (waaronder plastics) in toe te passen grond en baggerspecie.

Hout en steenachtige materialen: maximaal 20%

In de Regeling Bodemkwaliteit is opgenomen dat bij het toepassen van grond en baggerspecie maximaal twintig procent bodemvreemd materiaal mag voorkomen wanneer het om steenachtige materialen (zoals puin of baksteenscherven) of hout gaat. Dit percentage bodemvreemd materiaal mag niet het resultaat zijn van bijmenging, maar moet voorafgaand aan de ontgraving al in de grond of baggerspecie aanwezig zijn geweest.

Plastics en piepschuim: slechts sporadisch

Voor overige bodemvreemde materialen zoals plastic en piepschuim geldt vanaf nu dat deze alleen nog maar sporadisch voor mogen komen. Ook mogen deze materialen alleen nog maar voorkomen wanneer deze redelijkerwijs niet voor toepassing uit de grond of baggerspecie kunnen worden verwijderd.

Te hoog percentage? Geen toepassing

Voldoet materiaal niet aan de nieuwe geldende definitie van grond of baggerspecie? Dan het kan het materiaal vanaf heden niet meer worden toegepast in het kader van het Besluit. Het percentage bodemvreemd materiaal kan worden verlaagd middels zeven, waarna de grond of baggerspecie alsnog mag worden toegepast.

Heeft u vragen over deze wijziging?

Wilt u meer weten over deze wijziging in de Regeling Bodemkwaliteit of heeft u een actueel vraagstuk met betrekking tot grond en baggerspecie? Neem gerust contact op met een van onze deskundigen. Wij helpen u graag verder.

Regeling bodemkwaliteit per direct gewijzigd